Voortgang0 / 30

Spanning & stroom in dBTension & courant en dBVoltage & current in dB

Na dit hoofdstuk kun je
  • 20·log₁₀(V₁/V₂) correct afleiden vanuit de vermogensformule
  • uitleggen waarom spanning ×2 = +6 dB (niet +3 dB)
  • de impedantieconditie Z₁ = Z₂ bewaken bij spanningsberekeningen

01Waarom soms 20·log?Pourquoi parfois 20·log ?Why sometimes 20·log?

De dB-definitie is primair voor vermogen: N = 10·log₁₀(P₁/P₂). Voor spanningsverhouding geldt een andere factor — maar enkel als de impedantie gelijk is aan beide zijden.

De dB-definitie is primair voor vermogen: N = 10·log₁₀(P₁/P₂). Voor spanningsverhouding geldt een andere factor — maar enkel als de impedantie gelijk is aan beide zijden.

De dB-definitie is primair voor vermogen: N = 10·log₁₀(P₁/P₂). Voor spanningsverhouding geldt een andere factor — maar enkel als de impedantie gelijk is aan beide zijden.

📐 Afleiding 20·log₁₀ voor spanning (bij Z₁ = Z₂)
N = 10·log₁₀(P₁/P₂) = 10·log₁₀(V₁²/R ÷ V₂²/R) = 10·log₁₀(V₁²/V₂²)
= 10·2·log₁₀(V₁/V₂) = 20·log₁₀(V₁/V₂)
VOORWAARDE Z₁ = Z₂ — gelijke impedantie! Zonder dit is de formule ongeldig.
intuïtie Spanning ×2 = vermogen ×4 → 10·log₁₀(4) = 6 dB (niet 3 dB!)
VeranderingFormuleResultaat
Vermogen ×210·log₁₀(2)≈ +3 dB
Spanning ×220·log₁₀(2)≈ +6 dB
Vermogen ×1010·log₁₀(10)= +10 dB
Spanning ×1020·log₁₀(10)= +20 dB
Vermogen ÷410·log₁₀(0,25)= −6 dB
Spanning ÷220·log₁₀(0,5)≈ −6 dB
⚠️ Meest gemaakte fout

"Spanning verdubbelt → +3 dB." Dit is FOUT. Spanning ×2 = vermogen ×4 = +6 dB.
De factor 20 in de spanningsformule compenseert dit precies.

02Wanneer 10·log en wanneer 20·log?10·log ou 20·log : quand ?10·log or 20·log: when?

SituatieFormuleVoorwaarde
Verhouding van vermogens10·log₁₀(P₁/P₂)Altijd geldig
Verhouding van spanningen (bij gelijke Z)20·log₁₀(V₁/V₂)ALLEEN bij Z₁ = Z₂
Verhouding van spanningen (ongelijke Z)Bereken P=V²/R, gebruik 10·logAltijd
Verhouding van stromen (bij gelijke Z)20·log₁₀(I₁/I₂)ALLEEN bij Z₁ = Z₂

OefeningenExercicesExercises
6.1
Ingang 0,1 V, uitgang 1 V (beide 50 Ω). Hoeveel dB?
N = 20·log₁₀(1/0,1) = 20·log₁₀(10) = 20·1 = +20 dB
6.2
Z_ingang = 600 Ω, Z_uitgang = 50 Ω. Mag je 20·log(V₁/V₂) gebruiken? Zo niet, hoe wel?
Nee! Bij ongelijke impedantie:
Bereken P₁ = V₁²/600 en P₂ = V₂²/50 → gebruik N = 10·log₁₀(P₁/P₂)

Samenvatting

  • N = 20·log₁₀(V₁/V₂) — ALLEEN bij gelijke impedantie Z₁ = Z₂
  • Spanning ×2 = +6 dB (niet +3 dB!)
  • Bij ongelijke Z: bereken P = V²/R, gebruik dan 10·log
🧠 Onthoud dit
Spanning ×2 = +6 dB (niet +3!)
20·log enkel bij Z₁ = Z₂

Klaar met dit hoofdstuk?Chapitre terminé ?Finished this chapter?